Nee. Niertransplantatiepatiënten die geen antistofrespons hebben na de 2e vaccinatie en deelnemer zijn aan de RECOVAC antistof studie worden uitgenodigd voor deelname. U wordt als hoofdbehandelaar verwittigd van de deelname van uw patiënten. 

Na het geven van informed consent wordt door de RECOVAC organisatie een vingerprik setje thuis gestuurd samen met een korte vragenlijst. U kunt de patiënt altijd ondersteunen bij de vingerprik en hem of haar de set mee laten nemen naar het dialysecentrum. 

Begin juni heeft de METc goedkeuring verleent voor bloedafname via de dialyselijn in alle deelnemende centra. Enkele centra hebben gebruik gemaakt van deze mogelijkheid. In deze centra wordt ook het 2e bloedmonster via de dialyselijn afgenomen. 

 

We streven er naar om de uitslag van de 2e antistofmeting in januari / februari kenbaar te maken. Patiënten ontvangen een bericht per post. Hen wordt gevraagd om de uitslag mee te nemen naar de volgende policontrole bij de nefroloog. 

Een S1-specifieke IgG-antistofmeting is op dit moment niet gevalideerd om te voorspellen of een patiënt wel of niet ‘voldoende’ beschermd is.

Bij de uitslag van de antistofmeting vertellen wij aan de deelnemer of de patiënt een full-responder, low-responder of non-responder is.

Als non-responder kan een patiënt alsnog bescherming genieten via een eventueel opgewekte T-cel respons. Dit is bij circa. 15% van de non-responders het geval. Welke mate van bescherming deze T-cel respons biedt is niet duidelijk. 

Bij low-responders weten we niet in welke mate zij wel of niet beschermd zijn. We verwachten dat zij minder bescherming genieten. De afkapwaarden voor het onderscheid tussen een low-responder en een non-responder (300 BAU/ml) is vastgesteld op basis van in vitro neutralisatie assays. Antistoftiters onder deze waarden kunnen dus geassocieerd zijn met een tekort aan neutraliserende antistoffen. 

Full-responders lijken goed beschermd te zijn. Dit is echter niet gevalideerd op basis van observationele data. De patiënt kan er van uit gaan dat hij in enige mate beschermd is. We adviseren echter alle patiënten ten alle tijde waakzaam te zijn, aangezien we niet weten of zij voldoende beschermd te zijn. 

We weten niet hoe lang een patiënt antistoffen behoudt na vaccinatie. Wel weten we dat met name niertransplantatiepatiënten een minder duurzame antistofrespons hebben. Vermoedelijk geldt dit in mindere mate ook voor dialyespatiënten.

Kortom geeft een antistofuitslag een indicatie van de immuunrespons na vaccinatie. We adviseren alle deelnemers om de geldende maatregelen van het RIVM in acht te nemen en waakzaam te zijn. 

De vaccinaties bij patiënten van 80 jaar en ouder hebben reeds plaatsgevonden. Derhalve kunnen zij niet tijdig, binnen 28 dagen na de 2e vaccinatie, meedoen aan de antistofmeting thuis. Wel is het belangrijk dat van deze patiënten de vaccinatie en het eventueel ontwikkelen van COVID-19 wordt vastgelegd via RENINE of NOTR. Hiervoor verwijzen wij u naar de vraag hieronder weergegeven.

In de kwaliteitsregistraties voor dialysepatiënten (RENINE) en voor niertransplantatie patiënten (NOTR) kan vastgelegd worden welke patiënt is gevaccineerd, met welk vaccin en op welke data, en of er allergische reacties zijn opgetreden in de week na vaccinatie.

Registratie in RENINE kan vanuit elk dialysecentrum plaatsvinden.

Registratie in NOTR kan alleen vanuit een UMC plaatsvinden. Het is daarom raadzaam om eventuele vaccinatie gegevens van niertransplantatie patiënten die in perifere centra onder controle zijn door te geven aan het transplantatiecentrum.

De patiënt kan op een aantal manieren de vaccinatie informatie doorgeven aan het behandelend ziekenhuis, waarbij het ziekenhuis zelf een keuze kan maken welke optie het beste past.

  • Neem de gegevens van de patiënten die via het ziekenhuis worden gevaccineerd over in RENINE of NOTR.
  • Laat een patiënt een foto sturen van een volledig ingevulde vaccinatiekaart via het beveiligde ziekenhuisportaal aan de behandelaar. De behandelaar kan deze vervolgens via de beheerder van RENINE of NOTR invoeren.
  • Laat een kopie van een volledig ingevulde vaccinatiekaart per post naar de afdeling of een email adres sturen.
  • Laat de gegevens van een volledig ingevulde vaccinatiekaart doorbellen aan de afdeling of het dialysecentrum.
  • Laat de patiënt het melden aan de behandelaar bij de reguliere controle of visite en noteer het in het EPD.

Met behulp van gegevens uit de verschillende registraties kunnen wij achterhalen hoe effectief SARS-CoV-2 vaccinatie is voor nierpatiënten.

De volgende registraties zijn hierin van belang:

  • RENINE: nationale dialyse registratie.
  • NOTR: nationale niertransplantatie registratie.
  • ERACODA: Europese COVID-19 database van de ERA-EDTA.
 

De RENINE en NOTR registratie is bekend bij de behandelend nefrologen. 

Het is van uiterst belang dat COVID-19 incidentie prospectief wordt ingevoerd in de ERACODA database. Zo kunnen we namelijk ook achterhalen in welke mate SARS-CoV-2 vaccinatie een invloed heeft op de ernst van het ziekteverloop bij een doorbraakinfectie.

Voor aanvullende vragen kunt u ons sturen via info@recovac.nl.